Een kritisch woord over:

CAFETARIA’S

 

image002

 

Friettenten, frietkotten, vreettentjes, patatzaak, cafetaria, kwalitaria, snackbar, de automatiek.

 

Dat zijn maar zo een paar namen voor die horecabedrijven, die de o zo typisch Nederlandse producten verkopen en bekend staan om hun snelle hap. Vroeger in mijn jeugd was ik welhaast een expert om deze zaken te beoordelen en ik had zo wel degelijk mijn voorkeuren. Maar ik was dan ook al vroeg, vrij kritisch, richting deze horeca-uitbaters.

 

Zo voelde ik mij bijna altijd belazerd en bedonderd als ik om mayonaise vroeg en steevast fritessaus kreeg. Een evenzo geel gekleurde substantie, maar van veel mindere kwaliteit en ook veel minder lekker. Een enkele keer durfde ik toen wel eens een op- of aanmerking te maken over dit mijns inziens grote onrecht, maar de boze en verontwaardigde reacties van menigeen kan ik me zelfs nu nog herinneren! Het toonde in ieder geval aan dat de meeste van deze horeca-exploitanten echt niet geschikt waren voor het leiden van een sterrenrestaurant, afgezien van hun al of niet aanwezige culinaire kennis. Maar goed, er waren in die dagen een drietal voor mij favoriete cafetaria’s en allen in de buurt. Niet dat er niet meer waren. Wauw, ik was een liefhebber, wat zeg ik? Ik was een expert. Ik lustte ook bijna het gehele scala van producten. En er waren naar mijn stellige overtuiging diverse zaken die wel in een of ander product met vlag en wimpel qua kwaliteit erboven uitstaken. Boven de grauwe massa, want er waren er best wel veel met een specialiteit, waar ze vaak terecht mee pronkten.

 

Zo vond ik vroeger de zak patat, nog in een ouderwetse puntzak aangeleverd, het allerlekkerst.  En zo hoorde het ook en hoort het nóg. De zelfgeschilde frieten van Fer Verstrepen waren van een superkwaliteit. Helaas bij een van mijn meer recente bezoekjes bleek hij afgegleden te zijn naar fabrieksfrieten met eenzelfde smaak zoals je dat in zoveel van dergelijk soort zaken vindt. Licht geel in plaats van lekker doorbakken en na enkele minuten al zo slap als een vaatdoek. De vroeger, o zo lekkere eigen gemaakte kroketten bleken ook al uit een of andere doos te komen, die je om ’t even bij welke groothandel dan ook in je karretje kan leggen. Een andere favoriet die hoog genoteerd stond op mijn lijstje was een cafetaria aan de Nieuwe Haagdijk, genaamd: De Regt. Prima spul en toppie! Maar helaas die is er al jaren niet meer. Wie er nog wel is, dat is de zaak die draait onder de naam: Piet Schraven. De oude Schraven heb ik nog gekend en deze zaak was vroeger al zeer druk bezocht en toen ik hier onlangs maar weer eens mijn opwachting maakte en heel nieuwsgierig was of ze nog steeds eigengemaakte kroketten hadden, werd ik zeker niet teleurgesteld.

 

Zoals menigeen al in zijn of haar leven ervaren zal hebben, zijn bepaalde smaken en bijzonder lekkere dingen uit de jeugd niet meer te evenaren.  Een mens z’n smaak verandert natuurlijk ook, maar de producten en het hele procédé verandert vaak ook in de loop der jaren. Bij Schraven, eveneens aan de Nieuwe Haagdijk, daar heb ik echter gezondigd tegen ‘de lijn’ dat het een lieve lust was. Frietjes, zó lekker goudbruin én prima doorbakken, zó had ik ze in tijden niet meer gehad. Ook de kroketten en de hamburgers waren van een voor mij ongekende kwaliteit. Het enige wat ik persoonlijk jammer vond was dat ze de oude specifieke herkenbare fritessaus/mayonaise van het merk MacMillan niet meer hadden. Maar verder verdient deze zaak voor mij én degene die bij mij waren: een dikke, een hele dikke voldoende! Voor veel andere cafetaria’s, enkele, ook goede, die er beslist nog wel zullen zijn en die dus niet te na gesproken, maar het gros munt uit in een smakeloze en haast identieke warme hap. Klef en vet en ongetwijfeld ingekocht bij dezelfde groothandel of fabriek. Fabrieken waarin ik niet graag een kijkje zou willen nemen in de zekerheid dat ik dan voorgoed genezen zou zijn om ooit nog een snack in de mond te nemen.

 

image001

 

Maar zonder hiervoor aangezocht te zijn of ook maar enig voordeel noch gewin bij te hebben en dus puur, echt en eerlijk gemeend: Piet Schraven aan de Nieuwe Haagdijk te Breda is voor mij dé nummer 1-cafetaria van Nederland. Stond hij vroeger al in mijn top-drie, nu bekroon ik deze zaak graag met de allereerste plaats. Onmiddellijk gevolgd door de friettent die vroeger ‘Christ’ heette, die aan de Keizerstraat. Vlak bij het van Coothplein. Ook daar waren én zijn de frieten van prima kwaliteit. De 3e plaats van mijn voorkeur is een zaak ergens in de buurt van Arnhem en geloof me, mede door mijn werk zwerf ik door het hele land en ken derhalve veel cafetaria’s en restaurantjes. Waar ik mij wel aan erger is het feit dat veel cafetaria’s menen de frieten in een plastic bakje te moeten serveren. Soms zijn de frietjes zo heet dat het plastic vervormt in je hand en om de een of andere reden vind ik dat plastic - én eten uit het vuistje - niet hand in hand kunnen gaan. Vraag je dan netjes om een puntzak dan kan het je soms overkomen dat ze nog commentaar hebben op je voorkeur ook en het is mij zelfs in Zwolle overkomen dat men zo’n zakje botweg weigert. Ondanks dat ze die dingen, wel in voorraad hadden, zij het om bijvoorbeeld een bal in te verpakken. Maar tja, enige rechtlijnigheid is hen niet vreemd in die contreien zullen we maar denken. Zo flexibel als een betonpaal! Sommigen gaan er zelfs van uit dat je dankbaar moet zijn dat je in hun zaak mág komen. Maar ook deze attitude is streekgebonden.

 

Ballen, da’s een onderwerp apart. Wat kan men de zaak belazeren met gehaktballen! En wat heb ik al veel geleden! Je staat verbaasd hoe men een massa wat op vlees zou kunnen lijken durft te verkopen als zijnde een bal gehakt. Driewerf schande! Met menige fabrieksbal voorop! Je ziet die dingen dan ook veelal verkocht worden met een hele lading saus erbij, of het is scherpe satésaus of ze noemen het ik weet niet wat voor saus, maar het verbloemt in ieder geval de smaak van de vette gehaktbal of wat er voor door moet gaan. En weet u wat ik nog het meeste mis? In vroeger dagen maakte je vaak mee dat de ondernemer, de eigenaar van de zaak, trots was op een bepaald product wat hij of zijn gezin zelf fabriceerde. Soms glommen ze van trots als je er een positieve opmerking over maakte en zeker als je niet al te bekend was in zo’n zaak, dan werd je steevast getrakteerd op een korte maar duidelijke uitleg, dat men zelf een dergelijk product met veel zorg en aandacht in eigen keuken fabriceerde. Dié liefde voor het vak, dié is helaas bijna overal verdwenen. En dat zegt veel!

 

 

Silvia Videler.

 

7 januari 2008

 

Home

 

stats count

 

 

 

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN