logo

 

Je was blij dat je bij de verkennerij zat

 

Dinsdag 18 december 2007

Een van de oudste Bredase scoutinggroepen, Sint Martinus in Princenhage, bestaat 75 jaar.

Zo’n zesduizend scouts hebben er hun belofte afgelegd.

 

 

padvinderij

 

Verkennersgroep Sint Martinus in 1932.

 Foto: Scouting Sint Martinus en Kees van Oosterhout

 

 

Al zijn de reglementen in die periode een stuk soepeler geworden, de inhoud bleef overeind. Nog altijd is de scout 'eerlijk, hulpvaardig, voorkomend en sportief en zorgt hij voor de natuur.' Tenminste, dat belooft hij bij zijn installatie. Nadat de Nederlandse bisschoppen in 1930 hun goedkeuring hadden gegeven aan het katholiek verkennen, begonnen veel parochies een eigen verkennersgroep.

 

In Princenhage nam kapelaan Ansems het initiatief en zo konden hier in 1932 de eerste welpenhorde en een verkennersgroep van start. Nog vijf katholieke groepen begonnen in dezelfde tijd in de Bredase regio. Maar Sint Martinus is de enige die hiervan nog over is.

 

Stan Gielen (74) weet als geen ander hoe het er in de nog jonge vereniging aan toe ging. In de periode 1940-1972 heeft hij alle rangen en standen van de vereniging doorlopen. Wat hem vooral is bijgebleven, is de krachtige organisatie en de enorme aantrekkingskracht van de groep op kinderen. Zelf begon hij als welp in de molen aan de Liesboslaan. Maar de bijeenkomsten werden in de oorlog spoedig verboden. "Alleen de voortrekkers, de oudere jeugd, kwamen toen nog bijeen. Dit gebeurde stiekem, dus niet als stam," vertelt Gielen.

 

In het fraai uitgevoerde afscheidsboekje voor Raksha Bachman in 1946 wordt over die oorlog bericht: 'De moffen zeiden stop. Dit was voor de verkennerij de strop. Alles moest men laten staan. Men zou dan aan het verzegelen gaan. Er was dus maar ene keus. Onze Baloe haar leus. Pik binnen, alles wat maar kan. En breng 't stiekempjes naar Bachman. De spullen gingen onderduiken. En nu kunnen we ze weer gebruiken.'

 

Na de oorlog was de scouting volgens Gielen zowat de enige jeugdvereniging in het dorp en daarmee mateloos populair. "Je was blij dat je bij de verkennerij zat," vertelt hij. "Niemand kampeerde vroeger nog in tenten. Het was het alleenrecht van de padvinderij." De prachtige kampvuren en de geweldige sfeer is het eerste wat bij hem opkomt, als hij terugdenkt aan zijn eigen scoutingtijd bij Sint Martinus. "Ook de ouderavonden met de optredens in het patronaat. Die zaal zat altijd helemaal vol," weet Gielen nog. "En de welpenkampen naar Ulicoten, Hulten en Huijbergen en trektochten naar Zeeland en België. De leiders maar banden plakken, want zo goed waren de fietsen toen nog niet. Bij aankomst zelf de tent opzetten, bed opmaken en natuurlijk een rozenhoedje bidden. Want de aalmoezenier was er altijd bij en dat betekende ook elke morgen een mis."

 

Gielen moet weer lachen als hij terugdenkt aan die keer dat de mistent gerepareerd moest worden. "Toen we die op de bakfiets gingen ophalen aan de Mauritssingel, ging het helemaal fout. Door het aflopende, slechte wegdek kon de bestuurder de fiets niet meer recht houden en reed het span met mistent en al de oude haven in. Nog jaren hebben we tijdens de missen die vieze lucht van de oude haven mogen inademen." Bestuurder en scout Kees van Oosterhout (64) noemt het bijzonder dat de scoutinggroep al vanaf de eerste dag op dezelfde locatie zit, namelijk in de oude Bernardusschool aan de Doelen 36. Toch vormen juist huisvestingsperikelen volgens hem de rode draad door 75 jaar Princenhaagse scoutinggeschiedenis.

 

"Het ging om kostbare verbouwingen en de zoektocht naar nieuwe ruimtes voor het alsmaar groeiende ledental. Ooit kwam een extra welpenhorde terecht in het brandspuitenhuis achter de kerk en de voortrekkers kregen nog in de oude politiecellen hun hoofdkwartier. De gefuseerde gidsengroep Sint Lucia had onderdak in het vroegere postkantoortje op de Markt en ook het klooster, de zolder van de Mariaschool en Dreef 8 boden kortere of langere tijd onderdak. Door de aansluiting van de Hieronymusgroep in de Oranjeboomstraat en de Pius XII-groep van het Heuvelkwartier was Sint Martinus eind jaren zestig ook daar gevestigd."

 

In de jaren zeventig bereikte Sint Martinus met 250 het hoogste ledental. Dit is nu gehalveerd. Hiermee is het volgens voorzitter Jacques van Steen nog steeds een vrij grote groep, met alle speltakken van bevers tot kabouter en voortrekkers. Na tal van activiteiten, zoals een groepskamp in Bladel deze zomer, sluit scouting Sint Martinus het jubileumjaar af met een eindfeest. Dit gebeurt tijdens de nieuwjaarsreceptie op vrijdag 4 januari, waar vanaf 20.00 uur iedereen welkom is.

 

 

Een bijdrage van Redactie: Breda-en-alles-daaromheen.

 

18 december 2007

 

Home

 

 

stats count

 

 

 

 

 

Webstats4U - Gratis web site statistieken Eigen homepage website teller
Gratis teller

 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN