Bron: www.bndestem.nl

 

Hersenvliesontsteking

is een ernstige aandoening

 

“Geruststellen is vaak niet genoeg”

 

 

 

Meningitis, oftewel hersenvliesontsteking, is een ernstige aandoening.

 

 

Je kunt er immers dood aan gaan. Maar als je de ziekte overleeft, ben je er ook nog niet. Niet zelden treden restverschijnselen op, zoals hoofdpijn, gedragsverandering, epilepsie en leerproblemen. Hoe stel je die vast, wat kun je eraan doen en wat betekent meningitis voor patiënt en familie? Voor iedereen, maar vooral voor ouders van kinderen die meningitis hebben gehad en voor hulpverleners, schreef Daniëlle Zaad uit Breda een boek over het belang van nazorg. “Ik merk door mijn vrijwilligerswerk voor de telefoondienst van de Stichting Meningitis dat de behoefte daaraan groot is.”

 

Daniëlle is pedagogisch hulpverlener maar daarnaast ervaringsdeskundige. Haar jongste dochter Arwen (4) kreeg hersenvliesontsteking toen ze zeven maanden was. Ze hield er onder meer doofheid aan over, die inmiddels aan de linkerkant deels weer weg is. Het boekje “Behoefte aan Nazorg” is evenwel geen ervaringsverhaal. De Bredase heeft geprobeerd “met de nodige afstand” anderen een handvat te geven bij het verwerken van een meningitiservaring. “Het allerbelangrijkste wat ik gemist heb tijdens het hele proces, is een luisterend oor. Iemand die op een gegeven moment vraagt: “zeg, trekken jullie het nog wel?” Als je eenmaal de strijd op leven en dood hebt gewonnen, is de ziekte voor de buitenwereld vaak over, zegt Daniëlle. “Maar voor het kind en het gezin niet. Je zit met heel veel vragen. De ziekte is voor het hele gezin heel belastend, vooral in psychosociale zin. Artsen en andere hulpverleners hebben daar soms weinig oog voor, omdat ze vooral focussen op de ziekte.”

 

Daniëlle Zaad deelt het verwerkingsproces in vijf fasen in die elk een hoofdstuk in beslag nemen. In de “acute fase” geeft ze uitleg over de ziekte, de eerste verschijnselen en de periode van opname. “Maar daarna kom je thuis en wat dan? Je kind is niet beter en je weet dat het herstel nog lang duurt. Tegelijkertijd dringt het besef door dat je kind op het randje van de dood heeft gezweefd. En dan ontstaat angst.” Angst die heel hevig kan zijn als een kind opnieuw ziek wordt, het begin van de tweede verwerkingsfase. “Kan griep zijn, maar daar kan meningitis in het begin ook op lijken. Je herbeleeft de ziekte.” In fase vier en vijf gaat het vooral over de restverschijnselen. Hoe herken je ze en hoe zorg je ervoor dat je bij de juiste specialist of hulpverlener terechtkomt? “Bij Arwen duurde het een jaar, voordat ze haar eerste gehoorapparaatje had. Daar moesten we zelf enorm achteraan zitten. Dat is lastig, want je denkt al gauw: ‘ik zeur.’ Maar om duidelijkheid te krijgen, moet je echt aanhouden. Erkenning dat het allemaal zwaar is, zou al veel helpen. Geruststelling ‘dat het goed komt’ niet.”

 

Zondag 26 april wordt “Behoefte aan Nazorg” gepresenteerd in het Audi Centrum Breda, Konijnenberg 1, 13.30 - 16.30 uur. Jaarlijks krijgen zo’n 1.400 Nederlanders meningitis oftewel hersenvliesontsteking. Het kan gaan om een bacteriële of virale infectie. Symptomen kunnen zijn: hoge koorts, hoofdpijn, overgeven, verwardheid, overgevoeligheid voor licht en geluid, nekstijfheid, verlaagd bewustzijn. Zo’n 10 procent van de mensen overlijdt aan meningitis. Zo’n 20 procent houdt er restverschijnselen aan over, zoals doofheid, hoofdpijn, epilepsie, depressie, gedragsverandering, spasticiteit, duizeligheid.

 

 

 

22 april 2009

 

Home

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

stats count


 

BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN