Bron: www.bndestem.nl

 

Het spoor heeft de toekomst

 

Hout onder de rails, dat is niet van deze tijd

 

 

spoor-1

 

Werk aan het spoor gebeurt vaak ‘s nachts, als de reizigerstreinen niet of nauwelijks rijden.

Foto’s: Pro Rail

 

 

 

spoor-2

 

Betonnen dwarsliggers nemen in toenemende mate de plaats in van de fameuze houten spoorbielzen.

 

 

 

spoor-3

 

Werktreinen zorgen voor de aan- en afvoer van materiaal.

Klep open en daar gaat de nieuwe ‘ballast,’ het spoorgrind.

 

 

ROOSENDAAL/UTRECHT - Spoorbielzen: nog even en ze zijn er niet meer. Als ze, na een jaar of dertig, vervangen moeten worden, zoals de komende weken op het Roosendaalse spoor 5 en 6 gebeurt, komen er betonnen dwarsliggers voor in de plaats. Dat is milieuvriendelijker en stabieler, dat rijdt geruislozer bovendien. En de houten spoorbielzen die afgevoerd worden, belanden al lang niet meer in tuinen en tuincentra, maar worden vernietigd. Kwestie van aangescherpte milieu-eisen.

 

Tijden veranderen. Ook op het spoor. Het systeem mag oud zijn en kwetsbaar, nostalgische en zelfs ‘romantische’ gevoelens oproepen, ruimte voor modernisering is er ook. Ze moeten wel, daar in de kantoren van NS en Pro Rail. De druk op het Nederlandse spoorwegennet wordt steeds groter, gelijk met de jaarlijkse groei van vijf procent reizigers. Terwijl het Nederlandse spoorwegnet (6563 kilometer en 1,2 miljoen passagiers per dag) al één van de drukste en meest intensief gebruikte van de wereld is. Dat vereist uitbreiding en innovatie. En dat gebeurt dus ook. Op sommige baanvakken worden er sporen bijgelegd. En op dit moment wordt ook gedacht aan een metro-systeem, te beginnen op de as Amsterdam-Eindhoven. Dat betekent spoorboekloos reizen en minstens elke tien minuten een trein. Het is nog maar het begin van een ontwikkeling.

 

“Het spoor heeft de toekomst,” zegt Carlo Boterman dus. “Al kijk je alleen maar naar het milieu-aspect. Moet je zien hoeveel fietsen er rond de stations staan.” Boterman is projectmanager bij Pro Rail in Utrecht. De klus in Roosendaal, komende weken, is één van de zeventig projecten die hij dit jaar onder zijn hoede heeft. Boterman schat het aantal baanwerkers op zo’n 1500. “Duizend voor het onderhoud en nog eens vijfhonderd voor de projecten. Ze zijn in dienst bij zes erkende spooraannemers. En werken vooral ‘s nachts en in het weekend.” Ook op dit terrein is de vooruitgang niet te stoppen. Werktreinen die van boven dicht en van onder open zijn, bieden betere bescherming en maken efficiënter spoorwerk mogelijk. De inspectie van het spoor hoeft niet meer fysiek, maar gebeurt met een video-schouw-trein, uitgerust met allerlei meetapparatuur en videocamera’s. En in de herfst, als vallende bladeren voor problemen zorgen, worden treinen uitgerust met een sproei-installatie. Ze spuiten een gel, sandite, op het spoor dat de kleverige massa, veroorzaakt door de bladeren, te lijf gaat en een vrije doortocht garandeert. Voor deze Nederlandse vondst bestaat inmiddels ook vanuit het buitenland grote belangstelling.

 

Veel vooruitgang is er de laatste jaren ook geboekt op het gebied van de veiligheid voor de baanwerkers. “Die gaat boven alles,” zegt Boterman. “En dat aspect speelt al in de ontwerpfase. Spoorwegrisico’s en Arbo-risico’s: ze worden precies omschreven en zoveel mogelijk ingeperkt. Al blijft er natuurlijk altijd die spagaat. De treinen moeten blijven rijden, de dienstregeling moet uitgevoerd kunnen worden. Maar de mensen moeten ook veilig hun werk kunnen doen. Werken aan het spoor gevaarlijk? Nee.” Niet meer. Sporen waaraan gewerkt wordt, gaan nu eerder ‘even’ uit dienst. En dan met name ‘s nachts en in de weekends. De veiligheidsmaatregelen zijn, ook op last van de overheid, danig aangescherpt. Vóór 2005 vielen er nog relatief veel ongevallen, waarvan een deel met dodelijke afloop, te betreuren. Sinds 1 januari van dat jaar is het Normenkader Veilig Werken (NVW) van kracht. Sindsdien blijven de ongelukken beperkt. De laatste jaren zijn er geen fatale aanrijdingen van baanwerkers bekend. Al vallen er anderszins nog altijd veel doden op en rond het spoor. In 2007 zijn er 193 zelfdodingen geregistreerd en vielen er negentien doden door ongevallen op en bij overwegen. Al is dat natuurlijk weer een ander verhaal. Maar daarom niet minder zorgwekkend.

 

 

 

 

21 maart 2009

 

Home

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

stats count


 

BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN