logo (7)

 

Tijd voor ‘n luisterend oor, meer niet

 

 

slachtofferhulp-2

 

Het bureau Slachtofferhulp in Rotterdam.

Uit onderzoek blijkt dat er veel te weinig vrijwilligers zijn om bijstand te

 verlenen aan de ruim 200.000 slachtoffers van een misdrijf of ongeval.

 

   

De vrijwilligers van Slachtofferhulp krijgen het steeds drukker.

Vorig jaar wist een recordaantal slachtoffers de organisatie te vinden.

Maar in de grote steden is het vinden van vrijwilligers een probleem.

 

 

Groot alarm bij de politie van Middelburg op een zondagavond in november vorig jaar. Een ongeruste moeder heeft gebeld: haar kinderen van vijf en drie jaar oud zijn nog niet terug van bezoek aan haar ex-man. Na de melding gaat de vrouw samen met haar ex-schoonvader naar het huis van de 38-jarige man. Ze treft hem dood aan en ook de levenloze lichaampjes van haar kinderen, gedood door papa. In shock gaan de twee weer naar buiten, waar de politie juist arriveert.

 

Na gebeurtenissen als deze bieden vrijwilligers en beroepskrachten van Slachtofferhulp Nederland nabestaanden en getuigen een schouder en luisterend oor. Maar ook voor iets ‘simpels’ als een woninginbraak staan vrijwilligers paraat, vertelt Jack Geelen, hoofd van het regiokantoor Zuidwest-Nederland. Ze wijzen slachtoffers de weg in de juridische jungle en helpen bij het invullen van formulieren. “Als wij de antwoorden niet hebben, gaan we ze zoeken.” Maar Slachtofferhulp kan niet genoeg vrijwilligers vinden, de ruggengraat van de organisatie. De bezuiniging van één miljoen euro op de organisatie, die het kabinet heeft aangekondigd, maakt de situatie nog nijpender. Slachtofferhulp telt 1.500 vrijwilligers en 300 beroepskrachten. Er zouden zeker 250 vrijwilligers bij moeten, aldus directeur Jaap Smit. De hulpverleners krijgen het steeds drukker, zegt hij. Vorig jaar hielp zijn organisatie een recordaantal mensen, voornamelijk gedupeerd door beroving, vechtpartij of inbraak. “Tot nu toe is het nog niet voorgekomen dat we geen adequate hulp konden bieden. Maar als de bezuiniging doorgaat, moet ik ergens schrappen.” Het is dan denkbaar dat Slachtofferhulp niet langer 24 uur per dag bereikbaar is. “Soms gaan mensen weg omdat ze een andere baan krijgen, of oma worden,” zegt Jack Geelen. Maar het zoeken van vrijwilligers is lastig, met name in steden als Rotterdam en Amsterdam. Smit: “Tien uur per week voor ons werken blijkt steeds lastiger te worden.”

 

 

slachtofferhulp-1

 

 

Om het tekort aan vrijwilligers op te vangen, worden vaker beroepshulpverleners ingeschakeld. Die houden zich bezig met ingewikkelde juridische kwesties en bijvoorbeeld met ernstige verkrachtingszaken. “Zo maken we de organisatie steeds professioneler. We laten nu onderzoeken welke verhouding van vrijwilligers en beroepskrachten binnen de organisatie ideaal is.” Maar meer professionals betekent meer salariskosten. Hoe hij die gaat betalen, weet Smit nog niet. De Rotterdamse letselschadeadvocate Inge Baggerman adviseert dagelijks slachtoffers van misdrijven. Van haar cliënten die contact hebben met Slachtofferhulp, hoort zij over de gevolgen van het tekort aan vrijwilligers in de Maasstad. “Dan is er wel tijd voor een luisterend oor, maar niet voor hulp bij het schrijven van een brief aan de rechter of het doorverwijzen naar professionele hulpverlening.” De hoogleraren slachtofferwetenschap Van Dijk en Marc Groenhuijsen van de Universiteit van Tilburg vinden de voorgenomen bezuiniging dan ook zeer onverstandig.

 

“De begroting voor Slachtofferhulp is nu een schijntje vergeleken met het geld dat de staat uitgeeft aan reclasseringswerk voor daders,” aldus van Dijk. Hij vindt dat het budget voor Slachtofferhulp juist moet worden verdubbeld. Groenhuijsen wijst op het economisch belang van goede bijstand aan slachtoffers. Volgens hem kroppen veel slachtoffers hun gevoelens op en belanden ze als gevolg van de stress in de ziektewet. “Door geld uit te trekken voor hulp aan slachtoffers laat je als samenleving solidariteit zien met mensen die zijn getroffen door een misdrijf. Daar kan je niet zomaar op bezuinigen.”

 

 

 

 

Een bijdrage van Redactie: Breda-en-alles-daaromheen.

 

23 juli 2008

 

Home

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

stats count


 

BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN