Bron: http://www.bndestem.nl/regio/breda/6017137/NACmuseum-groeit-uit-zijn-jasje.ece

 

NAC-museum groeit uit zijn jasje

 

 

image002 

 

Het NAC-stadion in 2006

(Foto: Kees Wittenbols)

 

 

BREDA - In zeven jaar tijd is het zelf een kroonjuweel van NAC geworden: het NAC-museum. Schreeuwend om een locatie die meer recht doet aan een juweel in de schatkamer van geel-zwarte historie. Bijna verstopt aan de achterkant van het Rat Verleghstadion, de voordeur gericht naar een paar containers en de spoorlijn richting Rotterdam-zuid. Omdat de collectie alsmaar blijft groeien, knellen de naden van het jasje. Het gaat mettertijd goedkomen, weet John de Leeuw zeker, die al bij NAC kwam voordat-ie kon lopen of praten. Zelf een levende catalogus, alles tussen zijn oren opgeslagen, verwacht-ie dat het niet al te lang zal duren voordat het museum de plaats krijgt die het toekomt. Aan de voorkant, naast café de Beatrix, samengesmolten met de NAC-shop. “Daar zijn we al een tijdje over aan het praten met het bestuur,” aldus de secretaris van de stichting die het museum beheert, tussen twee rondleidingen door. “Directeur Theo Mommers is er ook voor, dus dat zal wel goedkomen.”

 

Op de voorlaatste dag van het jaar praat De Leeuw een groepje door het museum, doelpunten, opstellingen, feitjes, wetenswaardigheden, al wat NAC is, uit zijn geheugen opvissend. Een opa en een oma, die twee kleinzonen beloofd hebben er minstens één NAC-speler in levende lijve aan te zullen treffen, hebben mazzel. Ati Graaumans is bij de rondleiding aangesloten, een van de spelers die in 1973 de beker veroverden op NEC. Het museum is een must voor iedereen die iets met NAC heeft. Waar sportieve vreugde en leed elkaar afwisselen. Feest en kampioenschappen, droefheid en degradatie. Viermaal degradeerde NAC (in 1965, 1983, 1985 en 1999), evenzoveel malen explodeerde Breda later van vreugde over terugkeer naar de eredivisie.

 

De nieuwste aanwinst van het museum; een kampioenshorloge. De spelers die in 1921 kampioen werden, ontvingen het als aandenken, met een passende inscriptie in het deksel aan de achterkant. Het exemplaar dat op 20 februari aan het NAC-museum overhandigd zal worden, is geschonken door de nazaten van Fanny Petit, die het horloge bijna negentig jaar geleden ontving. De Leeuw en consorten doen wat iedere museumdirecteur doet: de boer op. Scholen en bedrijven worden benaderd, om zoveel mogelijk kinderen en volwassenen minstens één keer naar NAC te krijgen. “En dan maar hopen dat er van ieder bedrijf, of van iedere klas die we hier binnen krijgen, er minstens eentje blijft hangen en een seizoenkaart aanschaft,” zegt John de Leeuw. Met een knipoog: “Dat zou prachtig zijn.”

 

 

 

31 december 2009

 

Home

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

stats count


 

BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN