BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN

 

China

 

 

China beschrijven in een enkel verhaaltje van een paar bladzijdes is net zo onmogelijk als China bezoeken in twee dagen. Ik moet me noodgedwongen erg beperken en zal dus ook maar enkele wetenswaardigheden vertellen. Zij die echt interesse hebben dit machtige en schitterende land te bezoeken raad ik oprecht en van harte aan u eerst goed te oriënteren welk gedeelte u wilt bezoeken, want heel China doen in één vakantie is mijns inziens onmogelijk en regelrecht ‘gekkenwerk!’

 

 

 

 

Kanton

 

 

Alhoewel ik twee keer in dat land geweest ben, een keer, lang geleden, ten tijde van de Culturele Revolutie van Mao en een keer vele jaren later. Doch dan spreken we weliswaar over een en hetzelfde land, maar dat waren wél twee compleet verschillende ‘werelden.’ Hier en daar nog een oude tempel of belangrijk gebouw wat er nog stond van vroeger, maar verder was het een volledige en complete andere ervaring. Toch vind ik het moeilijk over dit land te schrijven, alhoewel ik vrij veel plaatsen gezien heb, echter … niet als toerist en dan wordt het tóch een beetje anders. Maar ik zal het proberen. Verwacht geen toeristische opsomming, daar ik beiden keren erg weinig tijd en mogelijkheden had om alle toeristische hoogstandjes te bezoeken op een paar hoogtepunten na.

 

Laat ik beginnen, zonder er voor betaald te worden u met klem aan te raden een Lonely Planet gids mee te nemen als u ooit het idee krijgt China ongeorganiseerd te bezoeken. Want bedenk wel dat de Chinese taal met niets, maar dan ook met niets te vergelijken is en de 40.000 tekens ontcijferen, die overigens de gemiddelde Chinees ook niet allemaal kent, is ondoenlijk! Verwacht niet dat men Engels spreekt, hooguit de stedelijke jeugd, want die krijgen gelukkig heden ten dage Engels onderwijs en zijn veelal graag bereid met u een gesprekje aan te gaan. Maar dan nog, die uitspraak is voor hen net zo moeilijk als voor ons, indien wij een paar woorden Chinees willen nazeggen. Als u geluk heeft in Beijing en in Sjanghai, wellicht met nog wat meer kans, dan treft u in de betere hotels wel eens iemand die u met basaal Engels wat kan vertellen c.q. helpen. Alleen Hongkong is natuurlijk een gunstige uitzondering, daar kunt u vrijwel overal terecht met de Engelse taal. Tot in Kowloon en de New Territories toe.

 

Laten we eerst eens terug gaan naar de donkere tijd van de jaren 60-70, toen het communisme nog verweven was met de persoonsverheerlijking van Mao en over het land een ‘grauwe sluier’ lag en een gedrilde staatsdiscipline van ongekende omvang. Niet dat ik ooit in Noord-Korea geweest ben, maar heel zeldzaam zie je weleens filmbeelden van dat enge gesloten land op de televisie. Wel, dié filmbeelden en dié verhalen komen redelijk overeen met wat je te wachten stond als bezoeker aan het toenmalige China. Controle van begin tot einde van je reis en over vrijwel alle handelingen die je deed. Alles werd vastgelegd en ‘wee je gebeente’ als je je moest verantwoorden. Gelukkig was ik er toen maar drie dagen en die dagen zijn nou niet bepaald geboekstaafd in mijn geheugen als een leuke ervaring. Maar u heeft wellicht meer aan de verhalen van het huidige China, wel laat ik duidelijk stellen dat China van nu een der veiligste landen is waarin je kunt reizen of trekken. Ook als u alleen zou gaan, ook vrouwen die alleen willen reizen, wat in veel gevallen af te raden is, maar dat geldt geenszins voor China! Dit immense land met ruim 1,3 miljard (1.300.000.000) inwoners heeft natuurlijk ook te maken met misdaad, maar u als toerist zal er weinig tot niets van gewaar worden.

 

Waar u wel aan zal moeten wennen is het feit dat men u ‘ongegeneerd’ aanstaart, soms zo erg alsof u van een andere planeet afkomstig zou zijn. Dat zal minder gebeuren in de echt grote steden, waar men intussen redelijk gewend is aan toeristen en buitenlanders. Maar zeker wel als u wat verder van de ‘gebaande paden’ gaat, dan is deze soms hinderlijke vorm van nieuwsgierigheid zeker uw deel. Zo had ik eens een leuk voorval in een goed restaurantje in Kanton net boven Hongkong, nou ja, ’t is maar hoe je naar de kaart kijkt. Enfin, wij zaten in dat tentje en met veel ‘vijven en zessen,’ gebruikmakend van ‘handen en voeten,’ werd een maaltijd besteld. Daar kwam me toch een lading voer, alsof er een compleet weeshuis aan tafel zat. Het aantal schalen en schotels was niet bij te houden. Edoch: … geen vorken en messen, geen echte lepels, kortom: geen gereedschap. Wel stokjes. Maar als we met die stokjes deze hoeveelheden naar binnen hadden moeten werken, hadden we wellicht een week nodig gehad. Daar moest wat op verzonnen worden. De ‘brave borst’ was niet aan zijn verstand te brengen dat wij ander tafelgereedschap wilden. Hij kwam zelfs tot 2 maal toe met nieuwe stokjes en dit terwijl we op een nabij gelegen marktje diverse setjes vorken en messen hadden zien liggen. Dus ze waren er wel, toch? Goede raad was duur, een van ons naar die markt gesneld en voor een paar yuan een setje vorken en messen gekocht. Toen kon het smullen beginnen. Maar die kok/eigenaar was zo verbaasd en dacht echt met ‘maanmannetjes’ te maken te hebben want zijn fotoapparaat, althans zijn rolletje, werd compleet ‘volgeschoten’ met ons, zijn gasten notabene, die daar ‘barbaars’ met vork en mes zaten te eten, zodat hij het ook zijn familie en of nazaten zou kunnen tonen en ondertussen maar lachen. Want het moet een hoogst vermakelijk gezicht zijn geweest voor deze Chinees, ons zo te zien zitten eten in zijn eigen zaak met deze voor hem wezensvreemde hulpmiddelen.

 

Ook als een groep mensen u tesamen letterlijk van boven tot onderen staat aan te gapen en daarbij elkaar ook nog van commentaar voorzien, wel, dat is heel normaal en zeker niet persoonlijk bedoeld, maar als je het meemaakt is het toch ‘effe’ wennen. Of u nou mooi, slank en blond bent of klein, dik en wellicht een hazenlip heeft, dát maakt niks uit. Mannetjes en vrouwtjes (uit voor hen vreemde culturen) krijgen dan ook de gelijke behandeling. Als u bijvoorbeeld de stokjes voor de dertigste keer uit uw handen laat vallen bij het eten, dan hebben ze de dertigste keer nog net zoveel lol als de eerste keer toen ze dat opmerkten. Ook het veelvuldig spuwen op de grond en ongecontroleerde geluiden maken tijdens het eten is daar ‘bon ton!’ Alleen in volksrestaurantjes zult u denken? Vergeet het maar, ook in nette chique restaurants, waar ‘Li, of Hu’ met een driekeer modaal inkomen komt dineren, net zo goed! Kijk dit soort informatie leest u vrijwel nimmer in de leuke reisgidsen, die hebben het over de prachtige tempels, de imposante Chinese Muur en natuurlijk het Terracotta leger in Xian. Die zou u ook eigenlijk allemaal moeten gaan bekijken, want die zijn echt een bezoek meer dan waard.

 

 

 

Terracottaleger Xian

 

 

Wat ik echter geleerd heb is: Boek geen excursies of iets dergelijks in een andere plaats én zeker niet hier (bij het reisbureau) alles van tevoren. Dan betaalt u veel en veel te veel! Doe en boek alles lokaal en neem gerust de trein. De Chinese Spoorwegen zijn goed, betrouwbaar, veilig, schoon en rijden ook nog eens redelijk op tijd. De NS heeft daar dus nog duidelijk geen ‘vinger tussen de deur’ gehad! Neem ook geen (tegen betaling) Chinese Gids, die zegt Engels te spreken. Die enkelingen dié er zijn, althans die echt goed Engels spreken, zijn in dienst van de regering en leiden zeker geen toeristen rond. Dus … verloren geld want u verstaat er toch helemaal niks van. Alleen het “thank you,” na ontvangst van de min of meer verplichte tip kan men nog enigszins duiden. Wat wellicht velen denken en ik ook dacht was dat de Chinese keuken voor ons toch wel enigermate bekend zou zijn, wel die dat verwacht komt dus danig bedrogen uit. De enige overeenstemming met een Chinees restaurant hier en daar is het feit dat u geen enkele kans krijgt in de keuken te gluren! Maar er zijn oplossingen als u niet weet wat te bestellen: u staat gewoon op en loopt met de serveerster langs wat tafels en u kijkt onbeschaamd wat anderen op hun tafel/bord hebben liggen en als u dan wat ziet wat van uw gading is: wel, dan wijst u het gewoon aan! Simpel eigenlijk hé? Het stoort die anderen gasten dan ook helemaal niet, hooguit proberen ze u nog eens een gerecht aan te raden door bewegingen te maken die ontegenzeggelijk erop duiden dat het heel lekker is. Lang blijven tafelen wordt echter niet op prijs gesteld. Dat moet u maar in een ander soort gelegenheid doen. Want het is echt: bestellen, vlug eten en gauw wegwezen!, óók in de zogenaamde betere zaken!

 

In de supergrote steden (de 5-miljoen-plus-steden) is het wat eten betreft veelal geen probleem. Doch in kleinere ‘stadjes’ met gelijke grootte als bijvoorbeeld Amsterdam en Rotterdam, dat zijn gewoon uit de kluiten gewassen dorpen naar Chinese begrippen, daar moet u wat eten betreft wél op uw tellen passen. Maar in die echte gróte steden krijgt u als westerling heus geen gebakken hond voorgeschoteld! Wat overigens meer een Koreaans gerecht is. In de grote hotels vindt u namelijk wél een Engelstalige menukaart én een foto van het gerecht erbij, dat maakt het overigens nog moeilijker want dan wil je weten wat iets is en ga er maar eens aan staan bij een serveerster, die met grote moeite “yes” en “thank you” weet voort te brengen! Dat eten van die honden en die katten wordt overigens steeds minder en minder en ik heb zelfs gezien dat er al vrij veel Chinezen een hond als gewoon huisdier houden! Echter in het zuiden van China, daar moet u nog wel op uw tellen passen, want daar eet men alles, letterlijk alles, wat loopt, kruipt, zwemt of vliegt. Waar u ook op bedacht moet zijn is dat op de lokale markten men levende dieren wel even voor de klant zal slachten en ze dan via de halsslagader een snee toebrengen en dan laten leegbloeden. Dan ben ik geneigd om over m’n nek te gaan, maar doe dat liever niet, want dan bent u écht de ‘attractie’ van de markt! en het mikpunt van spot.

 

Een andere zaak waar u op bedacht moet zijn is dat China en dan in het bijzonder het oosten van China langzaam aan overbevolkt begint te raken. Het westen is erg bergachtig of woestijnachtig en zeer dun bevolkt, maar in het oosten is het altijd druk, rumoerig, luidruchtig, veel herrie van onder andere megafoons of van het onbeschaamd en openlijk ruzie maken. Het fenomeen van lege trams of stadsbussen is onbekend, alles is overvol, maar ook het overige verkeer is toch eventjes anders dan hier. Men begint er wat aan te doen om de mensen wat meer orde en regel in het verkeer bij te brengen. Maar de gemiddelde Chinees denkt toch nog altijd: wie het snelste is heeft voorrang en stoplichten? Ja, die zijn er ook, maar de (praktische) regels zijn anders. De gemiddelde Chinese automobilist denkt ongetwijfeld als volgt: Rood: is uiteraard doorrijden maar wel een beetje uitkijken. Geel: ach, dat is zo kort, dus gewoon doorrijden en Groen: … tja, dat is ook lastig. Dan heb je kans dat er een paar zelfmoordkandidaten oversteken op twee benen, dus toch maar doorrijden als het lukt! Gelukkig is deze mentaliteit ietsjes aan het veranderen, maar het begrip ‘heer in het verkeer’ daar bestaat mijns inziens nog geen Chinees equivalent voor. Over auto’s gesproken, waren het in de jaren 70 nog bijna uitsluitend fietsen die het verkeer bepaalden, nu zijn het massa’s auto’s én fietsen en verder alles wat wielen heeft of (denkt) te kunnen rijden. Sinds enkele jaren worden de grote steden onderling ook verbonden met heuse autobanen en daarop is het dé sport om te bezien wie er het hardst kan rijden. Overigens wist u dat er maar ongeveer een honderdtal Chinese achternamen bestaan? De familienamen van mensen van de minderheidsgroepen niet meegerekend natuurlijk!

 

Als Beijing al een verbazing wekt bij de gemiddelde Europeaan omdat het zo’n grote en soms westers aandoende stad is geworden, dan slaat Sjanghai echter alles. Alleen de oude Bund, een soort boulevard aan het water is nog in takt gelaten en terecht! Alleen aan de mensen kunt u zien dat u in een Chinese omgeving bent, maar verder kan deze stad zo overgeplaatst worden naar bijvoorbeeld de USA en dan zou het daar ook nog een moderne stad zijn met allure. Echter Sjanghai is wel de allerduurste stad van China en ik denk dat het prijspeil daar nu zeker te vergelijken is met dat van hier. Althans wat ‘toeristische’ uitgaven betreft. Een niet te missen deel van China, namelijk in het zuiden, dáár zijn de grillig gevormde Karstbergen te bewonderen. Een totaal andere vorm van bergen dan wij gewend zijn in Europa, erg grillig en zeker niet symmetrisch van vorm. Maar daarom des te interessanter. U ziet ze regelmatig afgebeeld bij de wat betere Chinese restaurants hier in Nederland.

 

 

 

Karstbergen

 

 

Overigens in het zuiden en evenzo in het oosten vindt u veel niet-Chinezen, niet dat u dat meteen zal merken, maar de echte Chinezen merken het wel degelijk. Met de échte bedoel ik dan ook de Han-Chinezen, die voornamelijk Mandarijn-Chinees spreken (een soort algemeen beschaafd Chinees). Dat zijn er ongeveer 700.000.000 stuks en die andere 600.000.000 mensen zult u vragen? Wel u kunt het verschil in veel gevallen amper zien, soms wél hoor, maar zij mogen dan de Chinese nationaliteit hebben, maar die 600 miljoen anderen behoren tot de vele honderden andere groepen die dit land ook nog bevolken. Met als meest vreemde groep: de Oergezen of ook genoemd de: ‘Oergoeien’ in het uiterste westen die overigens een aan het Turks verwante taal spreken en zeker geen Chinees!

 

 

 

 

Chinese Muur

 

 

Een verhaal over China is natuurlijk niet compleet zonder iets te vertellen over de Chinese Muur. Deze ligt onder andere, althans voor de meeste toeristen, net boven Beijing. Een dik uur rijden ten noorden van Beijing. De Chinese Muur was in oorsprong vanaf de kust tot diep in de Gobi woestijn 7.200 km lang (65 x de afstand Breda - Amsterdam). Volgens de officiële Chinese geschiedenis is keizer Qin Shi Huang (221-207 voor Christus) de eerste die met de bouw ervan is begonnen. Maar de muur die u vandaag de dag nog kunt zien heeft niets met deze muur te maken. Deze muur is een product van de Ming Dynasty (1368-1644) en is sterker en groter dan de beide voorgangers. Eigenlijk is dit de 3e muur! Deze muren zijn indertijd gebouwd met als bedoeling om de nomaden (Mongolen) die al plunderend rondgingen, letterlijk buiten de muren te houden.

 

Helaas was er in de tijd dat de muur gebouwd werd nog geen CAO voor metselaars en werden hiervoor politieke gevangenen gebruikt en meer dan een miljoen slachtoffers zijn erbij gevallen. De mythe verhaalt dat de lijken van de gestorven werkslaven in de muur zijn begraven als zogenaamd bouwmateriaal. Maar dit is een sage en bewijs heb ik vooralsnog nimmer gezien. Wel werd de muur gebruikt in vroegere tijden als een soort van handelsroute, er bovenop wel te verstaan, naar Europa. Na de muur begon dan de zogenaamde Zijderoute die door Centraal-Azië loopt en zo tot in Europa aan toe. Huanghua is de bekendste plaats om de muur te bezoeken en vanuit Beijing zijn er dan ook talloze busjes die u daarheen brengen in ongeveer een uurtje tijd. Of anders met de lijnbus vanuit het grote busstation van Beijing eerst naar Huairou (lijn Y5) en dan overstappen naar Huanghua (met lijn Y4). Of u boekt gewoon voor 10 keer zoveel een trip vanuit uw hotel. Dan Tiananmen Square of wel het plein van de Hemelse Vrede met het mausoleum en het Verboden Paleis is uiteraard ook het bezoeken waard en een verplicht nummertje voor wie zich wilt laten fotograferen, met name onder de ‘postzegel’ (beeltenis) van Mao.

 

 

 

Tiananmen Square

 

 

Echter zij die graag shoppen, winkelen of hoe je ’t ook wilt noemen, daarvoor is China als een ‘hemel op aarde.’ Alles, letterlijk alles is te koop. Van hele vreemde en geheimzinnige medicijnen tot de meest ingewikkelde apparaten waarvan alleen de verkopers weten waartoe het dient. In Hongkong, elders bij mijn weten niet, of nooit gezien, kunt u bijvoorbeeld haast naakt een kleermakerij binnenstappen en na enkele uren bent u van top tot teen op maat aangekleed in het meest kostbare zijde of linnen. Zowel dames als heren, geheel naar uw eigen smaak. Keus en materiaal voor een prijs die hier te lande hooguit wordt betaald in de betere confectie. Neen, met ‘Zeeman of de Wibra’ kunt u het ook beslist niet vergelijken! China gaat echt met zijn tijd mee. De economie is ‘booming!’ en stijgt haast van maand op maand. In naam is het nog steeds communistisch, maar het straatbeeld oogt echter méér dan kapitalistisch. Alleen op het wat dieper wegliggende platteland is nog sprake van een minder bloeiende economie. Maar helaas dat zelfde platteland ontvolkt in razend tempo en zeer velen trekken naar de tientallen miljoenensteden, alwaar men hoopt en verwacht dat het ‘goud op straat’ ligt. Dat goud is in extreme mate voorhanden maar wel in goed beschermde goud- en juwelierswinkels waarvan er zoveel zijn, dat het je verbaasd doet staan dat er zoveel zijn en dat in wat men noemt: ‘Communistisch’ China. De met goud en juwelen behangen communistische kameraden stappen dan ook onbeschaamd deze winkels in en uit (“Proletariërs aller landen, verenigt u!,” is voor hén, nog slechts een holle frase).

 

Wat men bijvoorbeeld niet ziet in China zijn de decadente uitwassen die wij in de westerse samenleving wel hebben geaccepteerd, namelijk: porno en prostitutie. Dit laatste zal er ongetwijfeld zijn, de vroegere keizers lustten er al pap van en systemen veranderen wellicht, maar mensen niet. Maar daar zie je of merk je althans niets van. Dit in grote tegenstelling tot bijvoorbeeld Japan. Waar men ‘ongegeneerd’ al ‘hangende’ aan een lus in de tram of trein uit een met foto’s ‘opgesmukt’ pornoboekje staat te lezen. Het lijkt wel of seksualiteit helemaal niet aan de orde is in dit toch van mensen vergeven land. Op dit moment is China bezig met een grote inhaalslag en zal wellicht qua economie Amerika nog voorbij gaan streven. Alleen blijft de vraag waar gaan ze hun olie vandaan halen? Want daar hebben ze zelf haast niets van en als dat geen grote problemen gaat geven in de naaste toekomst, weet ik niet wat dan wél grote problemen geeft. Hierover kun je jezelf echt grote zorgen maken en vergeet niet er zijn al bijna 5 maal zoveel Chinezen als dat er Amerikanen zijn! Het grote probleem is vooralsnog: Chinezen spreken te slecht en te weinig Engels en de rest van de wereld spreekt te weinig en wellicht ook te slecht Chinees. Maar ik ben de laatste die dat echt kan beoordelen, dat heb ik dus ook maar van horen zeggen. Maar gezien de reacties van Chinezen op de ampele pogingen van westerlingen die Chinees proberen te spreken schijnt het heel vermakelijk te klinken in hun oren. Dus daaruit mag ik concluderen dat wij er weinig van terecht brengen. Desalniettemin:

 

 

Zàijiàn China. Of: vaarwel China.

 

Silvia Videler.

 

Oktober 2006

 

Home

 

 

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN