Bron: www.bndestem.nl

 

Van stervend blad in goudgeel licht

 

 

BREDA - En daar lopen ze: de kindjes in het bos.

 

 

Met rubberen laarzen trappen ze door bergen dorre bladeren. De ogen speurend over de grond. Zoekend naar kastanjes en eikels, liefst met een hoedje. Om er thuis met cocktailprikkers poppetjes van te brouwen die, zo betreuren heel wat ouders, op schouw of vensterbank staan tot ze zwaar gerimpeld zijn. Hoe lieflijk is dit herfstbeeld, hoe vertederend. Maar, zo weet boswachter Marcel Douma van boswachterij Ulvenhout-Chaam, het is niet louter gezelligheid wat hij deze dagen aantreft in het woud. Want daar schuiven ze, stiekem onder de bomen: de paddenstoelenplukkers. Criminelen met mandjes aan hun arm. Op zoek naar catharellen, naar eekhoorntjesbrood. Leuk voor de verkoop aan restaurants. Levert in deze wanhopige economische tijden een aardig zakcentje op. Ze zijn een doorn in het oog van de boswachters. “Het is verboden,” zegt Douma. “Met die pluk wordt het ecosysteem aangetast.” De bodem mist bij het verdwijnen van de paddenstoelen belangrijke voeding. Om nog maar te zwijgen over eekhoorns, marters en vossen die zo nu en dan graag een paddenstoeltje meepikken. En dan die andere overlastbezorgers, verzucht Douma. De mannen die stiekem hun auto op een rustig bospad parkeren. Slinks kijken ze links, rechts, springen naar buiten, openen de achterklep en kiepen hun snoei- en bladafval het bos in.

 

Gevaarlijk, weet Douma. “In dat afval zitten bacteriën en schimmels die het bos misschien niet kent.” Bomen en struiken kunnen er ziek van worden. Vergelijk het met de Spanjaarden die in de vijftiende eeuw Zuid-Amerika binnentrokken. Met lichamen vol ziekten als griep, brachten ze onbekende aandoeningen het fris ontdekte continent in. Indianen werden er ziek van. En dat terwijl het zo onnodig is, vertelt Douma. “Wie van zijn tuinafval af wil, kan het gewoon naar de milieustraat brengen.” Net zo makkelijk als naar het bos rijden en helemaal gratis. En dan staan er ook nog eens talloze bladkorven in stad en straat. Gemeentewoordvoerster Diny van Gestel: “In 2003 is de gemeente Breda daar mee gestart. Op verzoek van bewoners plaatste de gemeente speciale korven voor dode bladeren.” Vijftig kwamen er dat jaar. Van Gestel: “Inmiddels is dat stevig gegroeid. In heel de stad plaatst de gemeente vanaf deze week 280 korven.”

 

 

image075

 

Een ven langs de Hondsdonkseweg

(Foto: Kees Wittenbols – 28 september 2008)

 

 

Openbare inzamelplekken die moeten voorkomen dat de straat er slonzig bijligt. Die er bovendien voor zorgen dat het veilig blijft. Want hoe onschuldig ze er ook uitzien, herfstbladeren kunnen gevaarlijk zijn. Als ze nat zijn, zijn ze glad. Met het risico dat ze voor glijd- en slippartijen zorgen. Weg met het blad, is dan ook het gemeentelijk credo. En daarom die korven, daarom ook extra veegbeurten. Afhankelijk van wat zich wanneer aandient. “Want blad valt niet allemaal ineens,” weet Van Gestel. Een populier is eerder kaal dan een eik. “En dan verandert er ook nog veel als het een keer keihard waait en dergelijke.” Hoe dan ook: de gemeente brengt de bladeren net als de burger keurig bij de milieustraat. In totaal komt daar jaarlijks zo’n 1800 ton dood blad terecht. Materiaal dat naar een composteerder in Zegge gaat. Compost, dat is de rijkdom die uit dood blad ontstaat. Verteerd door wormen, bacteriën en schimmels is het oude loof een grote voedingsbron voor plant en boom. Dat is dan ook de reden waarom het in bos blijft liggen. “Het is heel vruchtbaar,” benadrukt Douma.

 

 

image073

 

Zicht in de Hondsdonkseweg (vanuit de Heistraat)

(Foto: Kees Wittenbols – 28 september 2008)

 

 

Ach ja, de herfst. Toptijd voor tuincentra. Neem Intratuin in Breda. De bloembollen, bladblowers en harken vliegen als zoete broodjes over de toonbank. “Dit is een geweldige periode voor tuinierders,” weet Kees van der Avoird van Intratuin. “Er is veel werk te doen. Bollen worden geplant, bomen gepoot, rozen geknipt, struiken gesnoeid en bladeren geruimd.” Zodat de tuin fris en fruitig de winter ingaat. En dan is er natuurlijk het hout. Voor binnen, maar steeds vaker ook voor buiten. Handenwringend rond het vuurtje in de frisse herfstlucht. Brandend hout dat trouwens heerlijke geuren verspreidt. Want de luchtjes van het najaar zijn onovertroffen, zeggen natuurliefhebbers als Douma. “Dat raad ik echt iedereen aan. Zet je neus open: de herfst ruikt heerlijk.” En is prachtig. Met in het gouden licht bladeren in lichtgroen, in geel, bruin en donkerrood. Over die laatste kleur pijnigen wetenschappers zich trouwens suf. Want rood, menen zij, is onlogisch. Bladeren die in de herfst uitdrogen, omdat bomen ze afsluiten van hun sapstromen, worden vaak geel. Dat is te begrijpen, vinden de wetenschappers. Het is gele kleurstof die al in het blad zit. Maar om het rood te krijgen maakt de boom een nieuw stofje aan. En dat slaat nergens op. Er is een theorie dat de boom dat doet om luizen te misleiden. Die snappen de rode kleur niet en slaan de boom over als ze in het najaar eieren leggen. De herfst. Voor wie hem haat, er somber van wordt, een tikje depressief is er slechts één tip: ‘hou vol,’ wacht af. Ooit wordt het echt weer lente.

 

 

 

11 oktober 2008

 

Home

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

stats count


 

BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN