image005

 

Waarom Antwerpen zo dichtbij is

 

 

albert de vree

 

Kunstenaar Albert de Vree vereeuwigde, met pijn in zijn hart, het

onderspuiten van de dorpen ten behoeve van de Antwerpse haven.

 

 

 

ZANDVLIET (B) - Ga je bij Ossendrecht de grens over en rijd je Zandvliet binnen,

dan stuit je aan het begin van het dorp op een plaatsnaambord

met daaronder de aanduiding ‘stad Antwerpen.’

Hè, hier al? Antwerpen is toch 25 kilometer verder?

Ja vroeger wel, voor de grote annexatie van 1958, toen de dorpen

Lillo, Zandvliet en Berendrecht door Antwerpen werden ingelijfd.

Dat is nu vijftig jaar geleden, reden voor een feestje,

maar dan toch niet voor Albert de Vree.

 

 

 

http://www.breda-en-alles-daaromheen.nl/zandvliet-in-beeld_bestanden/image002.jpg

 

Zandvliet

(Foto: Kees Wittenbols - 20 augustus 2013)

 

 

 

De nu 65-jarige kunstenaar uit Zandvliet kan zich nog steeds mateloos opwinden over wat er vijftig jaar geleden is gebeurd.

“Ze (en daarmee bedoelt De Vree het stadsbestuur van Antwerpen, red.) hebben ons afgedankt als oud vuil.”

 

 

 

antwerpen-100

 

Werk van Albert de Vree

 

 

De bedoeling van de annexatie was dat de drie dorpen, net als eerder al gebeurd was met de dorpen Oorderen, Oosterweel en Wilmarsdonk, met de grond gelijkgemaakt zouden worden om plaats te maken voor de aanleg van nieuwe havendokken en industrieterrein. Lillo, De Vree's geboortedorp, is ook inderdaad grotendeels (alleen Lillo Fort is gespaard) onder het opgespoten zand verdwenen. Zandvliet en Berendrecht ontsprongen de dans, maar zijn wel altijd onder het gemeentebestuur van Antwerpen gebleven – 't Stad zoals de Belgen zeggen – en die bekommert zich niet echt om die twee kleine dorpen ten noorden van de haven, op een steenworp afstand van Nederland. “Ja, als er verkiezingen in aantocht zijn, dan wil er nog wel eens een politieker naar hier komen afzakken, die dan van alles belooft, waar nooit meer iets van terechtkomt. Maar verder... Zelfs de straat kuisen doen ze hier niet. Dat moeten we nog zelf doen.”

 

De Vree is als kunstenaar vooral bekend vanwege zijn schilderijen en etsen van de polders ten noorden van Antwerpen van voor de uitbreiding van de haven. De suggestie dat hij daar dan in ieder geval toch maar mooi door is geïnspireerd, hoont hij weg. “Geïnspireerd niet, geïrriteerd wel. Als de polder er nog zo uit had gezien als ik hem in mijn jeugd heb gekend, zou ik nog veel mooiere schilderijen hebben gemaakt.” De Vree heeft het hele proces aan den lijve ondervonden. Hij is zelf geboren in Lillo, zijn vader was metselaar maar ook gemeenteraadslid. De aankondiging van de annexatie kwam in 1958 als een donderslag bij heldere hemel. “Dat kan niet waar zijn en dat zal geen waar worden,” was het eerste wat mijn vader zei, maar aan een gemeenteraadslid uit Lillo hadden ze in Antwerpen geen boodschap.

 

Het duurde tot 1964 voor het dorp echt helemaal ontruimd was. Daarvoor waren er echter al veel mensen die uit eigen beweging hun huis verkocht hadden en verhuisd waren. “Eigenlijk hetzelfde wat je nu ziet gebeuren met Doel. Het dorp werd langzaam uitgeknepen.” Het meest stuitend was volgens De Vree de manier waarop de dorpsbewoners werden uitgekocht. “Ze werden afgescheept met een fooi. Omdat er natuurlijk toch het voorbeeld van die andere dorpen was, die al eerder waren verdwenen, was er de laatste jaren al niks meer aan de huizen gedaan, laat staan dat er nieuwe gebouwd werden. Bij het bepalen van de waarde van de huizen werd daar rekening mee gehouden, mijn ouders kregen 150.000 franc, terwijl een nieuw huis toen al 450.000 franc kostte. Dat ze daar genoegen mee namen, moet je ook zien in het licht van de tijd. Lillo bestond voor het merendeel uit mensen van eenvoudige afkomst, hardwerkende burgers, eeuwenlang gewend dat ze de pet af moesten nemen voor meneer pastoor, de burgemeester en de boeren. Die keken huizenhoog op tegen die meneren uit Antwerpen. Ze lieten zich ook makkelijk afbluffen. “Weet u wat,” zei dan zo'n meneer uit de stad, “u mag uw huis zelf afbreken en het materiaal zelf houden.” “Niemand die zich realiseerde dat dit op de eerste plaats in het voordeel van de stad Antwerpen zelf was. Die spaarde zo de kosten van een sloper uit.” De Vree zelf was toen 20 en student aan de kunstacademie. Hij had wel andere dingen om zich druk over te maken. “Bovendien werden de jongeren zoet gehouden met verhalen over de dikke salarissen die ze in de petrochemie zouden kunnen verdienen. Pas later is tot me doorgedrongen hoe schandalig wij eigenlijk behandeld zijn.”

 

De inwoners van Lillo hadden zelf het liefst ergens in de buurt een nieuw dorp gebouwd, zodat ze bij elkaar hadden kunnen wonen. “Daar was volgens ons plek zat voor, maar de stad vond van niet. We moesten maar in Berendrecht of Zandvliet gaan wonen. Dat hebben de meesten ook gedaan, maar daarmee was wel het sociale verband weg. Dat is ook een verschil met Oosterweel en Wilmarsdonk. De mensen uit die dorpen zijn vrijwel allemaal in Ekeren gaan wonen en hebben nog jarenlang ieder jaar een reünie gehouden. Wij hebben dat uiteindelijk ook wel gedaan, 25 jaar na de ontruiming, toen zijn we bijeengeweest in Lillo Fort. Ik ben daar ook geweest, was heel leuk. Veel oude bekenden gezien, maar het is bij die ene keer gebleven. En nu leven er al een heleboel mensen niet meer.” De Vree heeft een paar jaar geleden al een boek geschreven en een film gemaakt over de verdwenen polderdorpen, getiteld Van poldersloot tot wereldhaven. In het jubileumjaar van de annexatie werkt hij aan een nieuwe film over de verdwenen polderdorpen. Vanwege malheur aan zijn rug vlot het project nog niet erg, maar De Vree probeert toch de film voor het eind van het jaar klaar te hebben. Dat is waarschijnlijk te laat voor een presentatie op de officiële jubileumviering, maar dat was De Vree toch al niet van plan geweest.

 

De nieuwe film moet een vervolg worden op zijn vorige. “In mijn vorige film heb ik vooral mensen aan het woord gelaten, die vertellen hoe zij het verdwijnen van hun dorp ervaren hebben. In mijn nieuwe film wil ik ook laten zien hoe het na de annexatie is gegaan, dus met beelden van het verhuizen van mensen, het afbreken van huizen en het opspuiten van het industrieterrein en hoe het er nu uitziet, de skyline met de koeltorens van Doel, de havenkranen en de windmolens. Want ook dat hebben we aan Antwerpen te danken en ook daar ben ik niet blij mee. Wat er nog over is van het oorspronkelijke landschap, wordt nu verpest door die windmolens. Waar je ook loopt, overal hoor je dat zoeven van de wieken.”

 

 

Zie ook:

 

Dorpen rond Breda in beeld

 

 

 

Een bijdrage van Redactie: Breda-en-alles-daaromheen.

 

26 juni 2008

 

Home

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

stats count


 

BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN