Bron: www.bndestem.nl

 

Wellicht derde kloosterboog

Begijnhof Breda

 

 

image001

 

Begijnhof Breda

(Foto: Kees Wittenbols – 2006)

 

 

 

 

begijnhof-2

 

Het verdwenen? klooster volgens de reconstructie uit de jaren negentig.

 

 

BREDA - Heeft op de plaats van het 16e-eeuwse Begijnhof inderdaad een groot klooster gestaan?

En was dit mysterieuze 15e-eeuwse complex het oudste mannenklooster van de stad?

 

 

Het antwoord op die vragen - die de plaatselijke oudheidkundigen al bijna twintig jaar hevig intrigeren - kan mogelijk nog dit jaar gegeven worden. Het Bureau Cultureel Erfgoed van de gemeente Breda begint vandaag een archeologisch en bouwhistorisch onderzoek naar de (voor)geschiedenis van het uit 1535 daterende Begijnhof. Dat wordt in zijn geheel uitgevoerd in de voormalige, momenteel leegstaande begijnenwoning op huisnummer 75, pal achter de Waalse Kerk. Nu is eind vorige week onder het pleisterwerk van de belendende fietsenstalling juist een deel van een booggewelf tevoorschijn gekomen. De bewuste muur ligt precies in het verlengde van de muur met de twee kloosterbogen die archeologen in april 1990 in het pand Catharinastraat 87 (het onlangs door krakers ontruimde pand van Hendriks) aantroffen.

 

Of nu een derde boog is gevonden van de voltooide kloostergang die hier volgens voormalig-stadsarcheoloog Guido Vanden Eynde in de 15e eeuw gelopen heeft, moet nader onderzoek uitwijzen. Maar in kringen rond het onderzoeksteam is al duidelijk opwinding voelbaar. Geen wonder. Begin jaren negentig van de vorige eeuw maakte de gemeente bekend dat het bestaan van het klooster - in weerwil van eerdere historische aannames - was aangetoond. Hoogstwaarschijnlijk bestemd voor de eerste mannelijke kloosterorde in de stad, zou het tussen 1429-‘40 door Johanna van Polanen, vrouw van graaf Engelbrecht I van Nassau, zijn gebouwd. Alleen is het klooster als zodanig hoogstwaarschijnlijk nooit in gebruik genomen. In hoeverre dit complex daadwerkelijk is voltooid, bleef tot op heden echter onduidelijk. Al leek het teruggevonden deel ervan, tot aan het schilderwerk toe, compleet afgewerkt. Volgens de gemeentelijke reconstructie uit de jaren negentig zouden de noordelijke en oostelijke kloostergalerij dezelfde ligging hebben gehad als de noordelijke en oostelijke huizenrij van het 16e-eeuwse Begijnhof.

 

Precies in de hoek waar de beide huizenrijtjes elkaar raken, ligt trouwens de ruimte waarin de afgelopen dagen de gemetselde boog blootkwam. Toch benadrukt woordvoerder Diewert Berben van Bureau Cultureel Erfgoed dat het vandaag beginnende onderzoek zich allereerst richt op de - zeer complexe - bouwgeschiedenis van het vijf eeuwen oude woonhofje. “Want de geschreven bronnen geven daar heel weinig informatie over.” Het 15e-eeuwse klooster noemt hij “slechts een onderdeeltje van die bouwgeschiedenis.” “Wij onderzoeken de geschiedenis van het Begijnhof door de eeuwen heen. We registreren en documenteren wat we tegenkomen, maar gaan niet specifiek op zoek naar iets.” Toch valt uit losse opmerkingen van medewerkers te begrijpen dat de mogelijke klooster-restanten allesbehalve een lage onderzoeksprioriteit hebben. Onder de keldervloer van nummer 75 wordt straks ook wel degelijk naar kloosterfunderingen gezocht en waarschijnlijk wordt morgen al de ‘grondradar’ in stelling gebracht. “Maar,” zegt Berben, “misschien ontdekken we ook wel dat 't geen klooster maar 'n heel ander gebouw is geweest.”

 

 

 

Lees ook:

 

https://www.bndestem.nl/breda/nieuwe-kloosterboog-in-begijnhof~ad993e38/

 

 

 

28 oktober 2008

 

Home

 

 

 

 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

stats count


 

BREDA-EN-ALLES-DAAROMHEEN